Aquarium beginnen

Nano-aquarium opzetten: stap voor stap naar een stabiele kleine bak

Een nano-aquarium van 10 tot 30 liter opzetten: welke bak, filter en verlichting, geschikte planten, garnalen en vissen, en hoe je de waarden stabiel houdt.

Gids Door Erik van der Veen Bijgewerkt 12 oktober 2026

💬 Dit artikel bevat affiliatelinks. Koop je via zo'n link iets, dan ontvangen wij een kleine commissie — voor jou verandert de prijs niets. Lees meer.

In het kort

  • Een nano-aquarium is een bak van grofweg 10 tot 30 liter; prachtig op een bureau of dressoir, maar gevoeliger voor schommelingen dan een grote bak.
  • Ideale bewoners zijn garnalen (Neocaridina) en slakken; vissen kunnen alleen als het om echte nano-soorten gaat en de bak minimaal 25 tot 30 liter is.
  • Kies langzaam groeiende, compacte planten zoals mossen, Bucephalandra, Anubias nana 'Petite' en Cryptocoryne parva.
  • Stabiliteit is alles: wekelijks 20 tot 30% waterwissel en verdampt water aanvullen met osmose- of demiwater.

Een nano-aquarium is misschien wel de leukste manier om met aquascaping te beginnen: een complete onderwaterwereld op je bureau, met weinig materiaal en lage kosten. Maar klein is niet automatisch makkelijk. In weinig water heeft elke fout direct effect. In dit stappenplan lees je hoe je een nano opzet die wél stabiel blijft.

Wat is een nano-aquarium?

Meestal noemen we een bak van ongeveer 10 tot 30 liter een nano. Veel gebruikte maten zijn 30 × 20 × 20 cm (12 liter), 36 × 22 × 26 cm (20 liter) en 45 × 27 × 30 cm (36 liter, net geen nano meer). Hoe meer liter, hoe stabieler. Twijfel je tussen twee maten, neem de grotere.

Stap 1: de juiste plek

  • Stevig en waterpas. Water weegt 1 kg per liter; een 20 liter-bak met bodem en steen weegt al snel 30 kg.
  • Geen direct zonlicht, anders heb je binnen een paar weken groen water.
  • Niet naast een radiator of in de tocht: in weinig water schiet de temperatuur snel op en neer.
  • In de buurt van een stopcontact, en op een plek waar een gemorste emmer geen ramp is.

Stap 2: techniek

  • Filter: een sponsfilter met luchtpompje of een klein binnenfilter met sponsje over de inlaat. Garnaalveilig is het belangrijkste criterium. In de koopgids binnenfilters vind je geschikte modellen.
  • Verlichting: een kleine clip-on LED is genoeg. Kies er een met dimmer of timer en begin met 6 uur per dag.
  • Verwarming: alleen nodig voor tropische vissen. Voor garnalen en planten volstaat kamertemperatuur. Lees meer in aquarium verwarming: hoeveel watt.
  • CO2: voor een eenvoudige nano niet nodig. Kies je toch voor tapijtplanten als Monte Carlo, dan helpt een klein CO2-setje enorm.

Stap 3: bodem en hardscape

Gebruik een laag van 3 tot 5 cm voedingsbodem (aquarium soil) of fijn grind. Soil geeft planten een vliegende start, maar laat in het begin ammoniak los; dat maakt het inrijden iets langer.

Houd de hardscape simpel: een paar stenen of één mooi stuk hout. In een kleine bak voelt de compositie snel vol. Een Iwagumi-opstelling met drie stenen werkt in een nano erg goed. Let op dat kalkhoudende steen zoals Seiryu je KH en pH verhoogt; in een garnalenbak met Caridina wil je dat niet.

Stap 4: planten voor een nano

Kies compact en langzaam groeiend, anders ben je elke week aan het snoeien:

  • Mossen (Christmasmos, Taiwanmos, Fissidens) op hout of steen.
  • Bucephalandra en Anubias nana ‘Petite’: vastzetten op hardscape, zie Anubias bevestigen.
  • Cryptocoryne parva of C. wendtii ‘Mini’ voor de voorgrond.
  • Eleocharis acicularis ‘Mini’ of Eleocharis parvula als grasje.
  • Een paar drijfplanten (bijvoorbeeld Salvinia) nemen overtollige voeding op en dempen het licht.

Koop bij voorkeur in-vitro planten (in een cupje gekweekt): slakvrij, algvrij en zonder bestrijdingsmiddelen. Dat laatste is belangrijk voor garnalen.

Stap 5: inrijden

Ook een nano moet worden ingereden. Reken op drie tot zes weken. Meet ammoniak en nitriet en voeg pas dieren toe als beide op 0 staan. In een soil-bak duurt dit vaak wat langer door het ammoniak uit de bodem.

Stap 6: bewoners kiezen

Garnalen zijn de ideale nano-bewoners. De rode kersgarnaal (Neocaridina) is sterk, kleurrijk en plant zich makkelijk voort. Begin met tien stuks. Een paar slakken (Neritina of posthoornslakken) helpen bij het opruimen.

Vissen alleen in bakken vanaf circa 25 tot 30 liter, en alleen echte nano-soorten:

  • Boraras brigittae (mini-rasbora), in een groep van minimaal 8;
  • Endler-guppy’s (houd alleen mannetjes, anders heb je snel honderden);
  • een enkele kempvis (Betta splendens) in een verwarmde bak zonder garnalen als je die wilt behouden.

Neonzalmen en de meeste andere scholenvissen hebben meer zwemruimte nodig en horen niet in een nano.

Stap 7: onderhoud dat de bak stabiel houdt

  • Wekelijks 20 tot 30% waterwissel, met geconditioneerd water op dezelfde temperatuur.
  • Verdamping aanvullen met osmose- of demiwater. Verdampen laat zouten achter; wie bijvult met kraanwater ziet GH en KH langzaam stijgen. Lees meer over osmosewater.
  • Zuinig voeren: garnalen in een ingerichte bak vinden veel zelf; twee tot drie keer per week een klein beetje is genoeg.
  • Zuinig bemesten: een paar druppels all-in-one mest per week. Liever te weinig dan te veel.
  • Snoei op tijd en haal dood blad direct weg; in weinig water rot het snel.

Conclusie

Een nano-aquarium is geen speelgoedbak, maar een volwaardig aquarium in het klein. Kies een zo groot mogelijke nano, houd het simpel met garnalen en langzame planten, rijd geduldig in en wees consequent met je waterwissels. Dan heb je een bak waar je jaren van geniet. Twijfel je nog of een nano bij je past? Lees eerst de 12 meest gemaakte beginnersfouten.

Wat je hiervoor nodig hebt

Veelgestelde vragen

Hoeveel liter is een nano-aquarium?

Er is geen officiële grens, maar meestal wordt een bak tot ongeveer 30 liter een nano-aquarium genoemd. Bakken onder de 10 liter zijn eigenlijk alleen geschikt voor planten, slakken en eventueel een paar garnalen.

Welke vissen passen in een nano-aquarium?

In 25 tot 30 liter kunnen een klein groepje echte nano-vissen, zoals de mini-rasbora Boraras brigittae of de Endler-guppy. Een kempvis (Betta) kan alleen in een verwarmde bak van minimaal 20 tot 25 liter. Neonzalmen, guppy's in grote groepen en alle soorten die groter worden dan 3 cm horen niet in een nano.

Heeft een nano-aquarium verwarming nodig?

Voor Neocaridina-garnalen en de meeste planten is kamertemperatuur (circa 20 tot 24 °C) prima, dus verwarming is dan niet nodig. Houd je tropische vissen zoals een kempvis of Boraras, dan wel: een klein regelbaar element van 25 tot 50 watt is genoeg.

Kan ik een nano-aquarium zonder filter houden?

Het kan in een zwaar beplante garnalenbak (het zogenaamde Walstad-principe), maar voor beginners raad ik het af. Een eenvoudig sponsfilter of klein binnenfilter maakt de bak veel stabieler en is garnaalveilig.

Hoe vaak moet ik water verversen in een nano-aquarium?

Wekelijks 20 tot 30%. Daarnaast vul je verdampt water aan met osmose- of demiwater, niet met kraanwater. Verdamping laat namelijk de zouten achter; wie steeds met kraanwater bijvult, ziet de hardheid langzaam oplopen.

Verder lezen